In het kort
Tussen 2019 en 2023 werden in Nederland 2.335 bouwopdrachten (CPV 45) Europees gegund, met een totale waarde van € 30,9 miljard, blijkt uit een analyse van TenderRender op TED-gegevens. Het aantal gunningen daalde van 518 in 2019 naar 444 in 2023, terwijl de mediane waarde per perceel steeg van € 2,5 miljoen naar € 6,7 miljoen: minder, maar grotere opdrachten. 75% van de gegunde bouwpercelen ging op beste prijs-kwaliteitverhouding en een bouwperceel trok gemiddeld 4,0 inschrijvers. Rijkswaterstaat en ProRail waren samen goed voor 23% van alle Europese bouwgunningen.
Waarom een aparte analyse voor de bouw?
De bouw gedraagt zich anders dan de rest van de aanbestedingsmarkt. De opdrachten zijn groter, er zijn minder kopers, en de procedure begint vaker met een selectiefase. Wie in de grond-, weg- en waterbouw of de utiliteitsbouw inschrijft, heeft meer aan cijfers over zijn eigen markt dan aan een landelijk gemiddelde. Voor dat gemiddelde, zie aanbestedingen in Nederland in cijfers.
We kijken naar alle gunningen met een CPV-code in hoofdgroep 45 (bouwwerkzaamheden). Ingenieurs- en architectendiensten (CPV 71) vallen daarbuiten. Een gunning is één gunningsaankondiging op TED, een perceel één gegund deel daarvan.
Hoeveel bouwopdrachten worden Europees gegund?
| Jaar | Gunningen | Percelen | Totale waarde (mld €) | Mediane waarde per perceel |
|---|---|---|---|---|
| 2019 | 517 | 591 | 4,4 | € 2,5 mln |
| 2020 | 510 | 577 | 4,2 | € 3,7 mln |
| 2021 | 431 | 501 | 4,9 | € 5,1 mln |
| 2022 | 437 | 500 | 5,7 | € 5,4 mln |
| 2023 | 444 | 525 | 11,8 | € 6,7 mln |
| 2019–2023 | 2.335 | 2.694 | 30,9 | € 4,8 mln |
Het aantal gunningen daalde met 14% tussen 2019 en 2023. De mediane waarde per perceel werd in dezelfde tijd 2,7 keer zo hoog. Hogere bouwprijzen verklaren daar een deel van; de rest wijst op grotere contracten per gunning. De sprong in totale waarde in 2023 komt vooral door twee grote raamovereenkomsten van € 2,2 miljard en € 1,3 miljard.
Ter vergelijking: de mediane waarde van een bouwperceel is ongeveer tien keer zo hoog als die van een gemiddeld Nederlands perceel (€ 500.000 over alle sectoren).
Hoeveel concurrentie is er in de bouw?
| Jaar | Gemiddeld aantal inschrijvers | Mediaan | % percelen met 1 inschrijver |
|---|---|---|---|
| 2019 | 4,3 | 4 | 15% |
| 2020 | 4,1 | 4 | 22% |
| 2021 | 3,8 | 3 | 16% |
| 2022 | 3,7 | 3 | 19% |
| 2023 | 4,0 | 3 | 15% |
De concurrentie in de bouw is stabiel: rond de vier inschrijvers per perceel, met een mediaan die van 4 naar 3 zakte. Het aandeel percelen met één inschrijver ligt met 17% over vijf jaar lager dan het landelijke gemiddelde van 22%. Dat past bij een markt met veel gespecialiseerde, maar ook veel capabele aannemers.
Per deelmarkt
| CPV | Deelmarkt | Gunningen 2019–2023 | Mediane waarde perceel | Gem. inschrijvers | % 1 inschrijver | % laagste prijs |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 452 | Burgerlijke en utiliteitsbouw, GWW | 1.454 | € 5,0 mln | 4,0 | 18% | 23% |
| 450 | Bouwwerkzaamheden algemeen | 556 | € 5,5 mln | 4,0 | 17% | 24% |
| 453 | Bouwinstallatiewerk | 196 | € 2,0 mln | 3,1 | 22% | 35% |
| 451 | Bouwrijp maken (grondwerk, sloop) | 78 | € 4,6 mln | 6,3 | 4% | 53% |
| 454 | Afwerking van gebouwen | 50 | € 3,0 mln | 4,8 | 12% | 20% |
De verschillen tussen deelmarkten zijn groot:
- Bouwrijp maken is de drukste en meest prijsgedreven deelmarkt: gemiddeld 6,3 inschrijvers, bijna nooit één inschrijver (4%) en ruim de helft gegund op laagste prijs. Het werk is goed te specificeren, dus de opdrachtgever laat de prijs vaker beslissen.
- Installatiewerk is het minst druk: gemiddeld 3,1 inschrijvers en in 22% van de percelen maar één. Ruim een derde wordt op laagste prijs gegund. Installateurs met de juiste certificeringen maken hier relatief vaak kans.
- De kern van de GWW en utiliteitsbouw (CPV 452) volgt het patroon van de hele markt: vier inschrijvers en ruim drie op de vier percelen op kwaliteit.
Wordt de bouw gegund op prijs of op kwaliteit?
75% van de Nederlandse Europees gegunde bouwpercelen in 2019–2023 ging op beste prijs-kwaliteitverhouding, 25% op laagste prijs. Na 30% in 2019 schommelde het aandeel laagste prijs tussen 20% en 26%.
Een opvallend detail: percelen die op laagste prijs werden gegund, trokken méér inschrijvers (gemiddeld 4,5, mediaan 4) dan percelen op kwaliteit (gemiddeld 3,8, mediaan 3). Een kwaliteitsplan schrijven kost tijd en schrikt een deel van de markt af. Wie dat werk wel goed doet, heeft dus minder concurrenten.
Dit is een van de duidelijkste verschillen met België. Daar werd 70% van de bouwpercelen in dezelfde periode op laagste prijs gegund, zie overheidsopdrachten in de bouw in België in cijfers.
Welke procedures gebruikt de bouw?
Het procedurevak is in TED pas met eForms goed gevuld, dus we meten op gunningen uit 2024 en 2025:
| Procedure (percelen 2024–2025) | Bouw | Alle sectoren NL |
|---|---|---|
| Niet-openbare procedure | 41% | 19% |
| Openbare procedure | 37% | 67% |
| Onderhandelingsprocedure zonder aankondiging | 10% | 11% |
| Concurrentiegerichte dialoog | 6% | 1% |
| Overig (o.a. met onderhandeling, innovatiepartnerschap) | 6% | 2% |
In de bouw is de niet-openbare procedure de meest gebruikte. Dat betekent: eerst selectie op geschiktheid en referenties, dan pas een inschrijving van een beperkt aantal geselecteerden. Ook de concurrentiegerichte dialoog komt in de bouw veel vaker voor dan gemiddeld (6% tegen 1%). Je referenties en de manier waarop je ze presenteert, bepalen dus vaak of je überhaupt mag inschrijven.
De looptijd heeft in de bouwgunningen van 2024–2025 een mediaan van 24 maanden (gemiddeld 32, gemeten op 304 percelen), korter dan de landelijke mediaan van 48 maanden. Bouwprojecten zijn eindig; onderhoudscontracten lopen langer.
Raamovereenkomsten in de bouw
19% van de bouwpercelen is een raamovereenkomst, minder dan de 33% landelijk. Toch maken ze verschil: raamovereenkomst-percelen trokken gemiddeld 5,9 inschrijvers (mediaan 5), tegen 3,5 voor enkelvoudige bouwopdrachten. Een raamovereenkomst levert jaren werk op, dus de markt stort zich erop.
Wie zijn de grote bouwkopers?
De bouw is meer geconcentreerd dan de rest van de markt. 572 verschillende kopers gunden in vijf jaar Europese bouwopdrachten.
| Koper | Bouwgunningen 2019–2023 | Aandeel |
|---|---|---|
| Rijkswaterstaat (alle onderdelen) | 349 | 15% |
| ProRail | 181 | 8% |
| Rijksvastgoedbedrijf | 79 | 3% |
| Gemeente Amsterdam, Ingenieursbureau | 68 | 3% |
| Gemeente Den Haag | 41 | 2% |
| Gemeente Rotterdam | 38 | 2% |
Ook aan de winnaarskant is de concentratie hoger: de tien aannemers met de meeste percelen wonnen samen 12,5% van de bouwpercelen, tegen 2,8% in de hele Nederlandse markt. Tegelijk won 73% van de 1.406 winnaars in vijf jaar precies één perceel. De markt bestaat dus uit een kleine groep vaste spelers en een lange staart van bedrijven die af en toe een opdracht binnenhalen.
Wat betekenen deze cijfers voor een inschrijver?
Selectie is de eerste horde. Bij 41% niet-openbare procedures beslist je aanmelding in de selectiefase, met referenties en geschiktheid, of je verder mag. Houd projectreferenties actueel en zo beschreven dat ze aansluiten op de geschiktheidseisen.
Kwaliteit schrikt concurrenten af, dus investeer erin. Op kwaliteit gegunde percelen hebben minder inschrijvers. Met een mediaan van 3 is je kans dan grofweg één op drie, en een goed EMVI-plan maakt het verschil. Lees AI voor aanbestedingen in de bouw en infra en winnen op kwaliteit in plaats van op prijs.
Ken de grote opdrachtgevers. Bijna een kwart van het Europese bouwwerk komt van twee opdrachtgevers. Hun eisen, systematiek en planning kennen is voor een GWW-bedrijf geen luxe.
Grotere opdrachten, grotere inschrijvingen. Met een mediane perceelwaarde van € 6,7 miljoen in 2023 gaat het per inschrijving om meer geld en meer stukken. Een gemiste knock-outeis kost meer dan vroeger.
Hoe helpt TenderRender hierbij?
TenderRender zet na upload van de aanbestedingsstukken alle eisen letterlijk op een rij, met de bron en een knock-outmarkering, zodat je geen geschiktheidseis mist in een bestek van honderden pagina's. Het schrijft een eerste versie van je plan van aanpak vanuit je eigen bibliotheek met eerdere inschrijvingen en referenties, en beoordeelt je tekst per subcriterium met een score, zwaktes en een concrete suggestie. In Nederland laat de voorspelmodule zien welke contracten binnen 6, 12 of 24 maanden aflopen.
Over deze cijfers
Bron: TED (Tenders Electronic Daily, ted.europa.eu), bewerkt door TenderRender. Alleen Europees aangekondigde gunningen, dus vooral opdrachten boven de Europese drempelwaarden; voor werken ligt die drempel rond € 5,5 miljoen, al publiceren sommige opdrachtgevers ook kleinere werken vrijwillig. Selectie: kopers uit Nederland, CPV-hoofdgroep 45, gunningsjaar 2019–2023. Onze extractie loopt tot maart 2026 en is na 2023 onvolledig. Peildatum: 15 oktober 2026.
Gunningen zijn unieke publicatienummers, percelen de gegunde delen. Waarden onder € 1.000 en boven € 10 miljard zijn als foutief uitgesloten. Inschrijvers alleen waar een aantal boven nul is ingevuld. EU-instellingen met een Nederlands adres zijn uitgesloten (in de bouw 1 gunning). Aandelen en medianen berekenen we op percelen. Kopers met meerdere naamvarianten in TED (Rijkswaterstaat, ProRail) zijn samengevoegd. Procedure en looptijd komen uit gunningen van 2024 en 2025. Het aandeel mkb-inschrijvingen is in deze gegevens niet ingevuld en ontbreekt daarom.
Veelgestelde vragen
Hoeveel bouwaanbestedingen worden er in Nederland Europees gegund?
Tussen 2019 en 2023 waren het er 2.335, of gemiddeld zo'n 470 per jaar. In 2023 waren het er 444, met 525 percelen en een totale waarde van € 11,8 miljard.
Hoeveel inschrijvers heeft een bouwaanbesteding?
Gemiddeld 4,0 per perceel in 2019–2023, met een mediaan van 3 tot 4. Grondwerk en sloop trekken de meeste inschrijvers (6,3 gemiddeld), installatiewerk de minste (3,1).
Wordt de bouw in Nederland op prijs gegund?
Meestal niet. 75% van de Europees gegunde bouwpercelen ging op beste prijs-kwaliteitverhouding. Alleen bij bouwrijp maken wordt ruim de helft op laagste prijs gegund.
Wat is de gemiddelde waarde van een bouwaanbesteding?
De mediane waarde van een Europees gegund bouwperceel was € 4,8 miljoen over 2019–2023 en € 6,7 miljoen in 2023. Het gemiddelde ligt hoger door enkele raamovereenkomsten van meer dan een miljard.
Welke procedure is het meest gebruikelijk in de bouw?
In de bouwgunningen van 2024–2025 is dat de niet-openbare procedure (41%), gevolgd door de openbare procedure (37%). In de rest van de markt is de openbare procedure veruit het meest gebruikt.